Ons streven is om ieder maand even weg te zijn. Daarom volg ik aanbiedingen voor leuke arrangementjes. Zo zag ik een ‘vrijdag’-aanbieding van Fletcher voor een hotel bij het Limburgse Arcen. Bovendien, voorspelde de KNMI aangename temperaturen voor het weekend. Snel geboekt. Te snel bleek later.
.

Arcen ligt op fietsafstand van Eindhoven. Maar eerst, tegenover het station, de vlaaienbakker waar we fietstochten graag beginnen of eindigen en als vaste klanten verwelkomd worden. Dit keer verrasten wij de baas met een blikje Haagse Hopjes
De treinreis was niet helemaal vlekkeloos verlopen, het omrijden van de directe intercity over Dordrecht leverde twintig minuten vertraging op. Ik werd bezorgd of de geplande route, langs nieuwe knooppunten, niet te lang zou zijn. Dus sneed ik een stuk af en reden we veel te snel door Griendtsveen, een bijzonder dorpje dat eind negentiende eeuw werd gebouwd om de veengronden in De Peel te ontginnen. Tegen het einde van de middag, met invallende schemering, dacht ik dat het verstandiger zou zijn om de kortste route van Google Maps te volgen. Dat had ik beter niet gedaan. Desondanks kwamen we om half zes, in het donker, aan bij het hotel.
Daar was mijn reservering in de administratie onvindbaar. Een beetje boos – ik maakte eerder mee dat een reservering via de Fletcher-site niet goed was doorgekomen – zocht ik de bevestiging op mijn telefoon. Dat bleek voor een weekend later te zijn. Had ik dus thuis niet goed gezien. En het hotel zat vol. Dus daar stonden we in het donker aan een verlaten provinciale weg, een kilometer of vijf boven Arcen.
We hadden herinneringen aan het Hotel De Maasparel in Arcen zelf. Sophie vond het telefoonnummer sneller en de Maasparel had nog wel een kamer. Na een donker tochtje meldden we ons even na zessen en zaten om zeven uur achter een maaltijd. Met een plaatselijk biertje.



Voor de zondag had ik een route in de omgeving ontworpen. Die begon met een stuk door de Maasduinen, een prachtig natuurgebied met ook hele natuurlijke fietspaden. Dus we moesten soms ploegen.
Na een pontje een stop op een leuke plek. Maar, en dat in Limburg, alleen met appeltaart. We konden ons geluk bijna niet op toen bij de volgende stop, in een heel klassiek en drukbezocht café, kruisbessenvlaai in de kast op ons stond te wachten. Bij een kopje koffie onder de grote revieren krijg je bijna altijd een klein glaasje met slagroom en likeur of advocaat. Niet goed voor de lijn, maar wel lekker.




Het hotel heeft een prima keuken met veel wildgerechten, waar ik geen liefhebber van ben, maar geen zoervleisj (zuurvlees). Het eetcafé op de hoek serveerde dat wel. Dus gingen weer even door de kou.
Op maandag was het echt koud en we moesten ruim voor twee uur op een trein zitten. Want vanaf vier uur mag je doordeweeks geen fiets meenemen. Dus kozen we voor Venlo. Na weer een paar zandpaden dacht ik Googlemaps weer om de kortste route te vragen. Dat bracht ons naar het ergste zandweggetje van de hele trip. Enfin, ruim op tijd in Venlo, overstappen in Eindhoven. Maar die trein reed niet. Dat de volgende van een ander perron vertrok, werd zo laat meegedeeld dat we ervanaf zagen om dat met bepakte fietsen via twee liften nog te proberen. Dus kozen we voor de directe trein die vanuit Venlo over Utrecht en Schiphol naar Hollands Spoor rijdt.
En werd het eerste uitstapje van 2026 een verhaal waard.




